Journalist Eefje Oomen (55) ergert zich aan alle Nederlanders op e-bikes

Bron: brabants dagblad18 november 2025

Terwijl verslaggever Eefje Oomen al haar ritjes op haar stadsfiets aflegt, ziet ze de ene na de andere vriendin op de e-bike overstappen. Is dit het einde van onze oergezonde fietscultuur? Experts geven antwoord. "We worden mensen met dunne armpjes en beentjes."

Even vooraf: ik ben geen doorgeflipte fitnessfreak. Ik beklim geen bergen, doe niet aan vasten, heb nooit een slok havermelk weggeklokt, werk op een winterse avond zo drie borden boerenkool met worst weg en toch - en tóch - voel ik mij beetje bij beetje een gezondheidsgekkie.

Ik fiets namelijk nog altijd op een gewone tweewieler en ben echt fan. Ik houd ervan om op mijn tweedehands omafiets tegen de wind in naar de redactie te ploegen: altijd lekker wakker worden. Ik houd ervan hard een brug op te beuken; beter dan zo'n plichtmatig rondje in de sportschool. En ik houd ervan om een uur naar zangles te fietsen, want ik voel mij al te vaak een bankhanger.Maar wat ik mij onderhand wel afvraag: ben ik weldra de enige? De laatste vrouw op een echte fiets? Want elektrisch rukt op. Op het fietspad, in de krantenkoppen, in de statistieken. Kijk maar eens naar de feiten in het rapport 'Mobiliteit in cijfers' (Bovag en Rai Vereniging).

In 2018 was nog maar circa 9 procent van het fietsenpark een e-bike en in 2023 al 17 procent. En in 2023 gingen liefst 453.000 e-bikes over de toonbank en nog maar 180.000 stadsfietsen. Oftewel: nog maar vier gewone op tien elektrische fietsen.

Mijn man en twee zonen hebben nog altijd een gewone fiets, maar ik merk dat de massa 'om' is. De ene na de andere vriendin valt voor de e-bike en iedereen heeft daar goede redenen voor.

De ene vriendin kocht er een, omdat ze niet zwetend op haar werk wil komen. De ander nam er een, omdat ze last van haar knieën heeft. De derde had er een voor de lange afstanden, maar gebruikt die ook voor korte ritjes naar de stad. Want handig en snel.

Gevolg: ik word gedist. Niemand wil nog met mij fietsen (sneu, ja, sneu), want iedereen haalt minstens 25 kilometer per uur en ik ben de trage dodo. Het is zelfs al zover dat ik tegen vriendinnen zeg: 'Fietsen jullie maar vooruit, ik kom later wel'. En laatst heeft een vriend met e-bike mij zelfs de brug opgeduwd. Yep. Ik, vrouw van middelbare leeftijd, kreeg als een kleuter een zet in mijn rug.

Hollands gebruik

Maar wat mij echt dwarszit: dat wij, zonder ons er druk om te maken, een geweldig Hollands gebruik opgeven. Want, eerlijk, wie is er ooit slechter geworden van een flink stuk tegen de wind in trappen? En waarom hebben we het steeds over tieners en fatbikes als ook volwassenen massaal voor de e-bike vallen? En: is het nog wel 'Nederland, Fietsland' als iedereen aan de trapondersteuning is?

Volgens Jan-Willem van Dijk, associate lector in sport en bewegen (HAN University of Applied Sciences), moet ik niet té negatief doen. Voor sommigen is de e-bike een gezonde optie. "En dan heb ik het over de groep die voorheen in de auto naar het werk ging en nu met de e-bike gaat", zegt hij. "En dan hebben we ook een groep ouderen die zonder de e-bike helemaal niet meer zou fietsen."

Toch heeft hij begrip voor mijn tirade. "Want ook ik merk dat mensen die nog prima 'gewoon' kunnen fietsen voor een e-bike kiezen. En dat ze hun gewone fiets vaak niet meer gebruiken. Wat mij verbaast: dat het imago zo snel is veranderd. Een tijdje terug was de e-bike nog iets voor ouderen, nu iets hips."De kale cijfers leggen in ieder geval één ding bloot: we leggen in het e-bike-tijdperk niet méér kilometers af. Het gemiddeld aantal kilometers per inwoner per dag is zelfs ietsje afgenomen, blijkt uit 'Mobiliteit in cijfers'.

In 2018 was dat 3,16 kilometer per dag en in 2023 nog maar 2,92. En het gemiddeld aantal fietskilometers per inwoner per jaar van en naar werk daalde ook. In 2018 was dat 247 kilometer. In 2023 nog slechts 208.

Minder kilometers, meer e-bikes: hoogleraar fysiologie Maria Hopman (Radboudumc) noemt het ronduit 'verschrikkelijk'. "Dit is ontzettend jammer", stelt ze. "Want de gewone fiets was voor velen juist dé manier om aan de cruciale beweegminuten te komen. Die aanbevolen dertig minuten matige inspanning per dag. En die beweegminuten zijn des te crucialer nu wij, zoals we allemaal weten, steeds minder fit worden, meer overgewicht krijgen en er meer chronische ziekten als diabetes type 2 zijn."

Prikkel

Wie de gewone fiets inruilt voor de e-bike zal dat volgens haar vroeg of laat zeer zeker merken. "Je zal sneller overgewicht krijgen, want je verbruikt minder energie. Je zal je op den duur ook vaker moe voelen, want je zet je lichaam minder hard aan het werk. Met een gewone fiets lever je meer inspanning en prikkel je je hart meer, je longen en je spieren: essentieel voor je fitheid."

En, ja, Nederlanders zullen in de toekomst minder sterk zijn. "Mensen met dunne armpjes en dunne beentjes."

Ook Erik Scherder, de bekende hoogleraar klinische neuropsychologie, staat tijdens zijn lezingen stil bij de nadelen van de e-bike. "Als toehoorders mij vertellen dat ze er een hebben, vraag ik wel eens: 'En, hoe voelt u zich na zo'n ritje?' Als ze 'prima' antwoorden, zeg ik: 'Dat is nou precies níét de bedoeling'. Want het hele idee is juist dat je je moe voelt, misschien zelfs een beetje buiten adem. Dan pas heb je iets goeds voor je lichaam en brein gedaan."

Alle nadelen ten spijt; Van Dijk denkt niet dat de opmars van de e-bike te stuiten valt. "Ik zou willen dat de gewone fiets standhoudt, maar ik twijfel. We dachten bij de introductie van de mobiele telefoon ook dat de Nokia bleef bestaan, en we weten allemaal hoe dat afliep."

Wat hem extra treft: dat ook sportievelingen inmiddels voor elektrisch kiezen. "Zo schakelen steeds meer mountainbikers op de e-mountainbike over."

Volgens Scherder is het hoog tijd voor een ander verhaal. "Het probleem is dat de elektrische fiets ergens toch een gezond imago heeft. En dat betekent dat we het veel vaker over de grote gezondheidsvoordelen van de gewone fiets moeten hebben. En dat we zo'n groep als de ouderen vooral niet moeten aanmoedigen hun fiets al vlug voor een e-bike in te ruilen."

Verbod

Hopman vindt dat de overheid hard moet ingrijpen. "Ik ben voor een verbod voor jongeren tot 18 jaar. Alleen leerlingen ver van school krijgen dan ontheffing. Want we willen niet dat een hele generatie het fietsen verleert. En tegen ouders zeg ik: het grenst aan kindermishandeling als je jouw kind een e-bike geeft. Je kind komt niet meer aan zijn dagelijkse hoognodige portie beweging en het is ook nog eens hartstikke onveilig."

Ten slotte: mensen als ik moeten volgens Hopman vooral het gewone-fiets-evangelie blijven uitdragen. Zo kan ik die ene vriendin adviseren om op de terugweg van werk een zware stand te kiezen of de motor helemaal uit te zetten. "Dat laatste is extra zwaar fietsen, dus extra goed. En het is niet erg om thuis zwetend aan te komen toch?"

Slechte knieën

Tegen de vriendin met slechte knieën moet ik over de bonus van de gewone fiets beginnen. "Wie last van zijn knieën heeft, heeft juist baat bij flink fietsen. Dat maakt de spieren rond de knie sterker. Laat haar daar het vooral met haar fysiotherapeut over hebben."

Aan alle anderen moet ik van Scherder vooral lief vragen of ze zich aan mij willen aanpassen, niet andersom. "Zeg: 'Ik ga op de gewone fiets, wil je ook?' Het is veel makkelijker om gezonde gewoonten vol te houden als anderen dat ook doen."

Wat misschien helpt: het concrete rekenvoorbeeld dat Van Dijk mij later mailt. "Wanneer een persoon dagelijks met een gewone fiets in plaats van een e-bike 10 kilometer naar werk fietst, scheelt dat 112,5 kcal per dag, of 562,5 kcal bij een vijfdaagse werkweek. Dat staat gelijk aan een flinke uitsmijter (twee boterhammen met twee eieren, kaas en ham) of een gemiddelde Hollandse avondmaaltijd (boerenkoolstamppot met rookworst).''

Laat ik daar nou dol op zijn.